Wachter

Zoals hoort bij een echte kunstenaar, een Van Bart herken je uit duizenden. Zij heeft een uitgesproken eigen stijl van schilderen en een eigen kleurstelling. Neem dit schilderij dat Wachter heet en in 1996 is gemaakt. Heel veel van haar werken uit die tijd hebben geen titel, waarom heet dit Wachter? En waarom heeft de wachter-wolf, want het lijkt een wolf, op de kaaklijn onder zijn linkeroor een rechthoek, het lijkt een pleister? 

Deze ‘pleister’ is kenmerkend voor het vroege werk van Van Bart: haar schilderijen van dieren of mensfiguren zijn overladen met allerhande tekens, donkere lijnen, kruisen, strepen, open vierkante buizen, rasterpatronen, koepels – en dat op onverklaarbare plekken. Vrouwenogen gaf ze soms (soms!) weer als kleine luikjes. Ik heb jarenlang aangekeken tegen een meer dan manshoge vrouw van Van Bart, met kubusjes in haar ogen en een opengewerkte buik met raadselachtige inhoud. 

In een bespreking van Van Bart’s werk, geschreven in 1998, verwijst Hans den Hartog Jager naar René Magritte die een aantal werken schilderde waarop een schilderij op een ezel voor het raam staat en de voorstelling op het linnen overloopt in de werkelijkheid buiten het raam. Zo probeerde Magritte “zijn fantasieën te objectiveren,” schrijft Den Hartog Jager, “iets wat je bij Van Bart niet snel zult zien gebeuren…” 

Toch wel. In die bewering is hij gelogenstraft door werk dat Van Bart daarna maakte: patronen van kleding die zich herhalen in de wand achter het ‘model’, of kleuren en patronen in de achtergrond die doorlopen in de afgebeelde persoon. “Heel dichtbij en heel veraf wordt hetzelfde,” zei Van Bart in een interview in 2023 ter gelegenheid van haar solotentoonstelling in Oud Amelisweerd.

Op die tentoonstelling waren veel grote schilderijen van mensfiguren te zien. Ook hierop leverde Den Hartog Jager commentaar, een kwart eeuw na het eerste. Hij verwoordde iets dat ikzelf intuïtief had vastgesteld maar niet onder woorden had gebracht: alle mensfiguren van Van Bart lijken op elkaar, het heeft er veel van weg dat het één familie is, een familie met brede kaken. Daarbij valt me wel op dat de overdaad aan raadselachtige tekens van 25 jaren geleden in de huidige schilderijen geheel ontbreekt. 

In ons land is het werk van Van Bart weinig bekend, in de Verenigde Staten vliegen haar schilderijen als warme broodjes de deur uit, excusez le mot. Mij verbaast dat niet. De doeken van Van Bart intrigeren, je raakt er nooit op uitgekeken en je blijft je afvragen wat ze nou toch in hemelsnaam bedoelde te zeggen.

John Löwenhardt
1 november 2024