In trance

Om het te vieren: het tiende Schilderij van de Week is geen schilderij. Het is, formeel bezien, een tekening. Volgende week trouwens ook, de viering duurt veertien dagen en in beide gevallen gaat het om grote werken. 

Geen schilderijen dus, want ze zijn niet gemaakt met een kwast of paletmes. Hier zien we een détail van een tekening met verschillende kleuren inkt op sits (katoen, calico). De tekening zelf is groot, schrik niet: 1.470 millimeter hoog en 10.620 millimeter breed, dat komt neer op bijna 16 vierkante meter. Ga het (voor 24 november) zelf zien in het Arsenale van de Biënnale Venezia. Het is indrukwekkend.

Deze tekening is van de Engelse ‘Outsider’ Madge Gill (1882-1961). ‘Outsider art’ of ‘Art brut’ is de benaming voor kunst gemaakt door kunstenaars die geen kunstopleiding hebben gevolgd. Het Haags Gemeentemuseum noemde ze bij een tentoonstelling in 2015 “artistieke talenten die luisteren naar de stem in zichzelf. Die niet kijken naar wat anderen al hebben gemaakt, geen kunstopleiding volgden en in sommige gevallen in een instelling verblijven.”

Nou geloof ik dat ook kunstenaars met een academische opleiding luisteren naar de stem in zichzelf, maar dat terzijde. Madge Gill luisterde zeker naar zo’n stem, namelijk die van haar geest Myrninerest. Zij signeerde vaak met die naam, die ‘mijn innerlijke rust’ zou betekenen. 

We zien een overdaad aan dambordpatronen, tegelvloeren, lappendekens, trappen en vooral vrouwengezichten die soms lijken te drijven. Het werk heet Crucifixion of the Soul, Kruisiging van de ziel, en dateert van 1936.

Madge werd geboren onder de naam Maude Ethel Eades. Ze groeide op zonder vader, en dat was in Victoriaans Londen niet best. Toen ze negen was konden haar moeder en tante de opvoeding niet langer aan en werd ze in handen van een weeshuis gegeven. Op haar 14e volgde deportatie naar Canada, waar ze te werk werd gesteld. Op haar 18e vluchtte ze terug naar Londen. Na een mislukt huwelijk met haar neef en de komst van drie zonen en een doodgeboren dochter, werd ze op 3 maart 1920 voor het eerst bezeten door de geest Myrninerest. Ze ontwikkelde zich tot spiritueel medium, trance bracht haar tot een tomeloze creatieve energie, en dat zonder de behoefte om als kunstenaar gekend te worden of om het werk te verkopen. Ze was letterlijk de uitlaatklep voor Myrninerest.   

John Löwenhardt
26 juli 2024