Hibiscuswater

Het werk heet Blue Nile at Midnight (Blauwe Nijl bij middernacht) en is gemaakt in 2024. Op het doek is hibiscuswater gegoten, en gedurende een week bewoog de kunstenaar het doek enkele keren per dag terwijl ze zich de Blauwe Nijl voorstelde, “waar ik ben opgegroeid en het water waarvoor ik altijd bang ben geweest.” Ze wilde nabootsen hoe “het water over elkaar heen stroomt.” Het donkere ‘gat’ was niet de bedoeling maar heeft desalniettemin een betekenis gekregen. Aan het woord is één van de drie winnaars van de Koninklijke Prijs voor Vrije Schilderkunst 2025 die in januari werd uitgereikt: Taqwa Ali. Eerder in deze serie besprak ik werk van winnaars uit 2004 (Marjolein Rothman, #30), 2012 (Jasper Hagenaar, #3) en 2014 (Koen Doodeman, #26).
De hibiscus is de nationale bloem van Soedan. Taqwa Ali is in 1997 in dit door oorlog geteisterde land geboren. In 2011 is ze met haar familie van Noord- naar Zuid-Soedan gevlucht, sinds haar 16e woont ze in Nederland. Ze studeerde in Maastricht en Groningen.
Wat de techniek betreft ging de Belgische schilder Marthe Wéry (1930-2005) Taqwa Ali vanaf ongeveer 1990 voor, evenals de Zwitser Adrian Schiess (1959- ) die zwaartekracht gebruikt om verf over een metalen drager te laten kruipen. Ook het gebruik van natuurlijke verfstof is niet nieuw.
De kalme bewegingen van diepgekleurd plantenextract over het doek, afgewisseld met perioden van bewegingloosheid, hebben tot dit resultaat geleid. In haar rapport over Ali repte de jury van de Koninklijke Prijs van “de manier waarop zij met fragiele materialen als zand en plantenextracten krachtige beelden maakt die uitdrukking geven aan ontheemding en verlangen”. Op het gevaar af als een piskijker te worden bestempeld (dat ben ik niet, eerder een schoolmeester), vraag ik me wel af of het opgedroogde hibiscuspigment bestand zal zijn tegen de tand des tijds.
John Löwenhardt
28 februari 2025