Antropometrie

Legio kunstenaars kunnen heel aardig of misschien wel heel goed tekenen, schilderen, boetseren of fotograferen zonder iets te maken dat zich écht onderscheidt van alles dat ervoor is gemaakt. Het levert mooie plaatjes op, waar geen kunstkenner warm of koud van wordt. Het komende weekend kunt u ze in de Atelierroute weer bekijken. 

Een beeldend kunstenaar moet met iets nieuws komen, wil zij opvallen. Yves Klein (1928-62) was zo’n vernieuwer. In 1956 kwam hij met zijn eigen kleur blauw, International Klein Blue (IKB), een diep ultramarijn blauw zonder weerschijn of glans die hij samen met de verfmaker Edouard Adam had ontwikkeld. In zijn ‘Epoca Blu’ maakte hij monochrome schilderijen en beelden in deze kleur. Klein vroeg nooit patent op de kleur aan, maar registreerde de techniek om ze te maken in mei 1960 bij het INPI, het Franse Nationale Instituut voor Industrieel Eigendom. 

Twee maanden eerder had hij een nieuw instrument bedacht om de kleur op een drager aan te brengen. Niet een kwast, niet een spuitbus maar het vrouwelijk lichaam. Je moet maar durven. Babyvoetjes in de verf duwen en er een afdruk van maken, of kinderhanden – dat was al eens gedaan. Maar een blote vrouw? (Waarom trouwens geen man?) 

Klein organiseerde op 9 maart 1960 in de Galérie International d’Art Contemporain in Parijs een ‘performance’ met een orkestje en een stuk of zes blote jonge vrouwen (waarom geen oudere?), die hij liet filmen. Hij voerde zelf, sigaret in de hand, de regie en liet de vrouwen zich insmeren met blauwe verf en zich vervolgens tegen papier drukken dat op canvas was gespannen. Hij noemde het op z’n Kleins, anthropométrie. 

En nou zwijg ik maar over de foto uit oktober 1960 waarop hij horizontaal gestrekt, armen wijd en hoofd omhoog, van een dak springt: ‘sprong in de leegte’, ‘Un homme dans l’espace’, een mens in de ruimte. Want foto’s ‘doe’ ik in deze serie niet.

John Löwenhardt
7 november 2025